Smarts Blogt

Archief -2018

Japans – Nihonjin – にほんじん

Hoe het nou precies kwam, weet ik niet meer. We hingen op de bank, allebei achter de iPad gok ik. Misschien las hij iets of zag hij iets en zei dat tegen mij. Mijn aandacht werd gewekt en zoals altijd heb ik dan maar twee tellen nodig om enthousiast te worden van het idee.

De kunst, de rituelen, de etikette

Wat ik wel weet is dat we al jaren iets hebben met Japan. De tuin was van oorsprong Japans ingericht. We hadden koi-karpers en een prachtige Japanse rode esdoorn. Ik heb ooit een poging gedaan om sumi-e te schilderen, hoewel dat dan weer Chinees is, maar okee. Er hebben hier nog Japanse posters gehangen. De boeddhistische leefwijze (die rustige dan en niet die waarin ze elkaar van deze wereld af wensen), de meditatie, het respect (hoewel ze ook barbaars kunnen zijn). De kunst, de rituelen, de etikette. Het sprak ons aan en eigenlijk ng steeds. Altijd hebben we de ambitie gehad om er naar toe te gaan. Maar concreet hebben we dat nooit gemaakt, omdat een vakantie naar Japan gewoon best wel heel erg kostbaar is. En al het Japanse rondom en in het huis is zo langzamerhand verdwenen of verweven met de rest.Dus nadat wederhelft mij triggerde met: ‘Japans leren?’, of iets van die strekking, ging er iets in werking. Google…Japans…iets in de buurt van Dordrecht…volkuniversiteit?…Papendrecht…galerie Aitobo…betaalbare lessen. Binnen no time ging er een mail uit naar de docente. Er kwam ook heel snel een antwoord: “Ja hoor, er is nog plek. Schaf maar alvast de twee boeken Japanese for busy people aan”. Zo geschreven en zo gedaan.

Binnen twee weken na zijn suggestie zaten we op Japanse taalles. We hebben op dit moment twee lessen van anderhalf uur achter de rug en wellicht onnodig om te zeggen dat het op zijn minst moeilijk is.

Sensē Naomi san 

Enerzijds omdat de boeken Engelstalig zijn, dus je gaat van Nederlands naar Engels en dan naar Japans. En weer terug. Maar daarnaast ook omdat we Japans moeten leren schrijven. Onze sensē Naomi san zegt dat het leren van de karakters het belangrijkste is. Om die reden moeten we ook gaan kalligraferen. Er zijn maar liefst 3 karaktersets. Tuurlijk. Alsof het nog niet moeilijk genoeg was.

We zijn dan ook voortvarend aan de slag gegaan en van de 101 klanken waaruit het Japans is opgebouwd (als ik het goed schrijf), hebben we er inmiddels zo’n 15 in ons vingers. Die kunnen we op commando schrijven en daarvan kennen we de klank. Nu de rest nog. En alle variaties. En de zinsopbouw en grammatica. Nog een berg te gaan dus. Dat er ook nog Japanese for busy people II en II is zegt het eigenlijk wel.

Waarom nou?

Ja, dat is de vraag die veel mensen ons stellen. Logisch. We hebben voorlopig geen vakantie naar Japan in het vooruitzicht, tenzij we de staats winnen natuurlijk, maar dat zal wel niet. Maar wie weet. Sparen kan altijd en door nu op taalles te gaan, kunnen we onszelf committeren aan een doel: die vakantie in Japan. Slapen in ryokans, in minshukus en een gedeelte van de 88-tempelroute wandelen. Oja, liefst in april (want: kersenbloesem natuurlijk!), maar ook in september (want: Kyoto op z’n mooist).

And now we wait

Het boekje is naar de drukker. Dit maal een drukker die wel communiceert. Die vindt dat ik eerst langs moest komen voordat ik de definitieve versie inleverde. Maar ook een die daar niet op de woensdag tijd voor heeft; de dag dat ik wel kan.

Voor nu kan het er mee door

was zijn oordeel op mijn laatste upload. Een zuinige voldoende denk ik dan maar. En daar kan ik voor nu wel mee leven en misschien ben ik er zelfs wel blij mee. Voor dtp-er heb ik tenslotte niet geleerd, geen Grafisch Lyceum, geen uitgeverij- of krantenervaring. Ik doe maar wat. Ook een leuk motto trouwens, dat past in mijn leven. Je wilt niet weten hoe vaak ik dat al gezegd heb: ik doe maar wat 🙂

Mijn Opa Smits

Mijn opa is de persoon als tweede van rechts, zittend met de troffel in zijn handen. Jaartal van de foto? Geen idee. Hij is geboren in 1904, en hij zal hier misschien 25 jaar zijn? Dan zou deze foto ergens in 1929 gemaakt moeten zijn. Waar de foto gemaakt is, weet ik niet en ook niet ter gelegenheid waarvan of door wie.

Niet alleen mijn opa, maar ook mijn vader was metselaar en als meisje stond ik er met mijn neus bovenop als hij bij ons thuis of bij vrienden/kennissen aan het metselen was. Ik weet dus wat een stoffige (droge cement of zand) of soms blubberige (mortel) troep het kon zijn. Ik leerde eigenlijk misschien ook wel een beetje metselen. Met het voegen mocht ik sowieso altijd helpen. Uiteraard waren de horizontale voegen veel gemakkelijker dan de verticale. Al zijn gereedschap heb ik nog.

Maar nu over deze foto. Wat mij zo opviel was hoe keurig die mannen er bij zitten. Nu was mijn opa altijd iemand die goed gekleed was en eigenlijk altijd in pak liep. Dat was gewoon zo in die tijd en men had blijkbaar zelfs een vest aan op het werk. Ook als metselaar. Geweldig toch?

BewarenBewaren

BewarenBewaren

BewarenBewaren

BewarenBewaren

BewarenBewaren

BewarenBewaren

BewarenBewaren

BewarenBewaren

Indesign CC

W

eet je nog van die valkuil en dat ik ineens redacteur van een blaadje werd? Het eerste blaadje van mijn hand kwam in december uit Word gerold. Want: Pages is zoooo Mac en Word zoooo universeel… Maar Word is ook best vreselijk.

Ik moest dus op zoek naar alternatieven: Indesign is je-van-het, maar prijzig. Toch maar naar Scribus dan, gratis open source DTP-software. Na overleg met de beoogde drukker, bleek dat die toch de voorkeur had voor Indesign. Joh natuurlijk, maar waar haal ik het vandaan?! Ik doe dat redactie werk vrijwillig, staat niet eens een vergoeding tegenover. Ik wil best wat doneren, maar iedere maand € 26,- naast die € 10,- die ik al voor Photoshop betaal, vind ik te. En oja, ook nog even al die uren die erin gaan zitten.

Of we als ANBI korting krijgen, is nog een brug te ver, blijkt. De gemiddelde leeftijd van het bestuur is hoog en hoewel ze heel erg hun best doen, is niet iedereen even digitaal. Dus daar zat ik met een half Scribus-concept en de wens van de drukker om Indesign. Een studentenlicentie zou een oplossing zijn, maar ik ben geen student. Met een studentenlicentie krijg je een berg korting op alle Adobe-apps. Ik kan me inschrijven op een school, een studenten-emailadres krijgen en me daarmee inschrijven voor de studentenversie. Maar wat als ik dat email-adres niet geverifieerd krijg, want ik ben tenslotte geen student. Een ander riep: ‘Ik gebruik een gehackte oude versie, is dat niet iets?’ Nou wil het feit dat ik aan een Mac werk en Mac’s en gehackte versies is meestal een no-go. Dus ook geen optie.

Ik zit nu met een proefversie van Indesign, maar hoe het straks verder moet, weet ik nog niet. wat ik wel weet is dat het een prach-tig programma is. Misschien scheelt het dat ik Photoshop best aardig in de vingers heb, maar Indesign is echt top. Vrij intuïtief en het resultaat is super. Ik zou het bijna voor mezelf aanschaffen.

En dan ongevraagd iedere week zelf in elkaar geflanste blaadjes naar iedereen sturen. Hahaha!!! Maar ja. Lang verhaal kort: het is klaar. Hehe.

(Klik voor veul groter!)

BewarenBewaren

BewarenBewaren

BewarenBewaren

BewarenBewaren

BewarenBewaren

BewarenBewaren

BewarenBewaren

BewarenBewaren

Papa, kom je nog even?



H

et is vandaag 14 jaar geleden dat we ‘m voor het laatst zagen. Tot de maandag, minder dan een week voor zijn dood (op zondag), ging het eigenlijk nog best. Uitbehandeld, de chemo deed niets, de bijwerkingen te erg en dat was het. Op die maandagavond laat belde hij mij -voor het eerst- uit bed. Misselijk, voelde zich niet goed en had zich zelf ondergekotst. Zuslief gebeld en naar ‘m toe. Daar aangekomen hebben we hem geholpen met verschonen en toen bleek hij ook nog eens een knal van een hematoom in zijn flank te hebben. De dag erna groot overleg met de huisarts. Met het ziekbed en overlijden van Ma nog vers, hintte de huisarts op ons eigen welzijn en stelde een hospice voor. Een dag over nagedacht en op woensdag konden we terecht voor een rondleiding en een kennismaking. Hij ging mee en gaf aan dat hij het wel best vond, zoals hij eigenlijk altijd alles wel best vond.

Op donderdag werd hij opgenomen. Zo ziek als een hond, maar we konden hem gelukkig maken met zelfgemaakte appelmoes. We probeerden er zoveel mogelijk te zijn. Op zondag ging het niet lekker. Benauwd en daardoor toch een beetje angstig. Huisarts gebeld en opnieuw overleg, met ons en met hem. Actieve euthanasie was geen optie, maar morfine en eventueel dormicum wel (alsof dat geen euthanasie is?), “maar meneer Smits, dat betekent wel dat we u in een slaap gaan brengen van waaruit u niet meer wakker wordt”. Hij vond het goed en wij ook, alles beter dan die benauwdheid. De huisarts zou de eerste dosis geven en later op de avond zou een transmuraal team uit het ziekenhuis een iv-pomp komen aanbrengen. In de verwachting dat hij niet direct zou overlijden. Maar dat deed hij wel. In het kader van een aflossing van de wacht en oplopende vermoeidheid, was ik nog niet thuis of ik kon rechtsomkeert maken. Zijn zus en zwager opgebeld of ze nog afscheid wilden nemen en ja dat wilden ze. Op het moment dat het transmurale team het hospice binnenstapte voor de morfinepomp, blies hij zijn laatste adem uit.

Ik knipper met mijn ogen en ik ben 14 jaar verder.

Ik lig in mijn bed, het is half acht
Ik slaap nog niet omdat ik op mijn vader wacht
Mijn ogen vallen bijna dicht, ik hoor vanuit mijn bed
Hoe mijn moeder in de keuken koffie zet

Ik vecht tegen de slaap, ik heb vandaag al veel gedaan
Amerika ontdekt en ‘k heb daarna als indiaan
Vijfentachtig cowboys op de vlucht laten slaan
Op school niks gedaan
Alleen maar op de gang gestaan

En dan opeens, dan hoor ik vanuit mijn warme bed
Hoe mijn vader zijn brommer in de kelder wegzet
Zijn voetstap op de trap, het voetenvegen op de mat
En dan de sleutels in het sleutelgat

Papa, kom je nog even
Papa, want ik slaap nog niet
Papa, luister nog even
Papa, vergeet me niet

Die leren jas, die shaglucht, vreemd is dat toch
Vijfendertig jaar geleden, maar ik ruik het nog

Vreemd dat je kunt kiezen voor alles wat je wil
Kiezen voor een kind door te stoppen met de pil
Kiezen voor succes, kiezen voor de goot
Zelfs kiezen om er niet te zijn, kiezen voor je dood
Maar kiezen kun je nooit voor die ene man en vrouw
Dat maakt ze zo bijzonder, die kozen voor jou

Die leren jas, die shaglucht, vreemd is dat toch
Vijfendertig jaar geleden, maar ik ruik het nog
Die leren jas, die shaglucht, vreemd is dat toch
Vijfendertig jaar geleden, maar ik ruik het nog
Die leren jas, die shaglucht, vreemd is dat toch
Vijfendertig jaar geleden, maar ik ruik het nog

Wat groot leek mijn vader toen in die leren jas
Vreemd dat ik nu al net zo oud ben
Als mijn vader toen was
Maar ik denk nog zo vaak
Papa, kom je nog even

 

(Tekst: Papa – Harrie Jekkers)

BewarenBewaren

BewarenBewaren

BewarenBewaren

Genealogie

G

een idee of ik al eens gemeld heb dat ik een prachtig vormgegeven programma gebruik om mijn stamboom in kaart te brengen: MacFamilytree. Het is wel betaalde software en alleen voor de Mac, dat wel, maar je krijgt er ook echt iets moois voor. Ik gebruik op dit moment versie 8. Een aantal van de afbeeldingen in deze post zijn schermprinten uit dat programma. Klik ook vooral op de afbeeldingen voor een grotere versie.

Blijkbaar heb ik wel eerder geschreven over mijn zoektocht en hoe ik in het Bossche archief terecht kwam. Maar waarschijnlijk had ik het daarna veel te druk om ook te schrijven hoe ik juni 2015 een afspraak met ze had om een gevelsteen, gemaakt door een verre voorvader in 169?, te bezichtigen.

En zo eigenlijk tot de conclusie kwam dat niet alleen mijn vader, zijn vader en zijn vader metselaar was, maar dat de mannen tot dan toe en wellicht nog veel eerder al (meester)metselaars waren! Ook leuk dat de mensen in het Bossche archief met informatie kwamen die ik tot op dan ook nog niet had:

In de tekst van Sasse van Ysselt kun je de geschiedenis mooi lezen. Omdat het een vrouwenklooster was, hoefden de nonnen na 1629 niet te vertrekken, maar er blijven wonen tot de laatste van hen was overleden. Dat zou rond 1692 zijn geweest. Toen zal het complex door de stad zijn verkocht en kon Mathijs er een huis bouwen of zijn intrek nemen in één van de gebouwen.

Het was een leuke trip. Vooral ook omdat ik de steen, waarvan al tijden een zwartwitversie in lage resolutie over internet circuleerde, live mocht aanschouwen.

 

 

“Nooit heb ik de indruk gekregen dat hij niét de vader van je moeder zou zijn!”


Er gaan maanden voorbij dat ik niet verder ga met de stamboom en er zijn periodes dat ik tot diep in de nacht dingen aan het uitpluizen ga. Ik heb een verre nicht bezocht die inmiddels op leeftijd is, maar wellicht iets wist van het grote familiegeheim dat ‘mijn grootvader’ heet. Ze bevestigde dat zij geen enkele aanwijzing had om te denken dat hij niet mijn moeders vader zou zijn.

Daarmee is het probleem zeker niet opgelost. Soms ben ik in staat om het vliegtuig naar Canada te pakken, want ik geloof dat hij nog steeds leeft. Ik kom geen obituary tegen met zijn naam erin en het telefoonboek geeft nog steeds een correcte verwijzing. Maar ja, wat schiet ik ermee op? Dat ik weet waar mijn bruine ogen vandaan komen? Nee, ik geloof maar dat ik dat los moet laten.

De kant van mijn vader is ook reuze interessant. De naam Smits kan ik terugvinden tot ongeveer 1630. Het was een vrij grote schok (geintje) om te ontdekken dat mijn roots in Brabant liggen, in en rond ‘s-Hertogenbosch om preciezer te zijn.

Jan (Johannes) Ma(t)t(h)ijs(sen) Smits (Smit/Smitz)

Mijn huidige stamboom eindigt nu bij Jan (Johannes) Ma(t)t(h)ijs(sen) Smits (Smit/Smitz), *1630 en +1663, meester-metselaar (jawel!) te ’s-Hertogenbosch. Hij is de vader van degene die de gevelsteen heeft gemaakt. De echtgenote van Jan was:  Anthonisken Claessen van der AA *ca. 1640. Hun kinderen: Jacobus Smits, Adriaen Smits, Maria Smits, Johanna Smits, Nicolaas Smits, Johanna Smits, Gerardus Smits

Maar waar ik vastloop is bij zijn zijn vader. Overal op internet kom ik de naam Mattijs Smits tegen. Maar hoe wáár zijn die gegevens? Ook zie ik dat andere mensen zoeken en op het zelfde punt vastlopen. Bij het BHIC is vorig jaar iemand op zoek geweest (Forum – genealogie Smits), waar ik maar probeer bij aan te haken. Want behalve de aanwijzing dat deze Jan (en dus niet Mattijs, want Mattijs = wellicht vanaf daarvoor een patroniem) wellicht uit Schijndel afkomstig is, geen andere informatie die me verder helpt. De archieven van Schijndel staan bovendien op een site waar AVAST van op tilt schiet op mijn mac. Echt doorklikken durf ik niet. Op facebook is wel een grote groep mensen verenigd in een genealogiegroep. Ik heb zojuist de vraag daar gesteld en ik ben benieuwd of daar iets uit komt. Komt er niets uit, dan is het zo. Dan zit er niets anders op dan eens in de tijd weer eens te gaan zoeken of er ergens toch iets boven water gekomen is.

Tot die tijd probeer ik af en toe de stamboom te vullen met de personen die ik in mijn zoektocht tegen kom. Ik probeer daarnaast de verhalen te vinden die erbij horen door ook te zoeken naar adresssen, bijzondere akten, noem het maar op. Het is erg leuk om te doen, maar ook wel een beetje verslavend. Ik geloof dat er nu zo’n kleine 700 personen in mijn stamboom zitten, maar er zijn er met tienduizenden. Ik heb voorlopig nog wel iets te doen als ik ook naar die aantallen wil.

 

 

Linkjes

Inmiddels is gelukkig heel veel online te vinden en steeds meer stukken archief worden verder digitaal ontsloten en openbaar gemaakt. Google (of Duck-Duck-Go) is vooral mijn beste vriend. Vaak als ik een naam en een geboortedatum invul, vind ik al snel links naar al gemaakte stambomen (maar pas op met de juistheid van de gegevens!), diverse fora of wellicht verwijzingen in een of ander archief of akte bij een gemeente.

Hierbij een opsomming van de linkjes die ik veel gebruik om te zoeken, wie weet heb jij hier als bezoeker ook iets aan, maar ik hou me altijd aanbevolen voor goede aanvullingen, graag in een reactie, dank!

http://d-compu.dyndns.org/gensearch/
https://www.genealogieonline.nl/
http://www.online-begraafplaatsen.nl/
https://www.wiewaswie.nl/
http://www.stadsarchief.nl/
http://www.thuisinbrabant.nl/
http://www.bossche-encyclopedie.nl/
http://www.bhic.nl/het-geheugen-van-brabant
http://www.voorouders.net/links/
http://www.ancestry.com/
http://salha.nl/
http://www.gahetna.nl/collectie
https://1940-1945.dordtenazoeker.nl/kranten.htm
https://www.delpher.nl/
http://www.stadsarchief.rotterdam.nl/

 

BewarenBewaren

BewarenBewaren

BewarenBewaren

BewarenBewaren

BewarenBewaren

BewarenBewaren

BewarenBewaren

BewarenBewaren

BewarenBewaren

BewarenBewaren

BewarenBewaren

BewarenBewaren

BewarenBewaren

BewarenBewaren

BewarenBewaren

BewarenBewaren

BewarenBewaren

Vrijwilliger

Een oproep in het verenigingsblaadje van onze lokale kattenvereniging voor een redacteur bleek weer een valkuil. Ja. Kattenvereniging. En ik ben erin getrapt. Prima vereniging. Mijn ouders waren er al lid van en wij uiteraard ook. Daarnaast hebben ze een prima oplossing voor vakanties en katten in huis: de vakantie-vrijwilligers. Tegen een geringe vergoeding per kat komt er iemand elke dag even in huis om met de kat(ten) te spelen, ze eten te geven, de kattenbak te verschonen en misschien zelfs wel even stofzuigen.

Met een gerust hart weg of op vakantie en geen gedoe met inschakelen familie of op zoek naar een dierenpension met alle ellende van dien, ziek beest terug etc.

Drie keer per jaar verschijnt het verenigings-blaadje. Gevuld door een handjevol mensen en met veel liefde (ga ik van uit) in elkaar geflanst in een word-bestandje. Hier en daar een advertentie. Later bleek van bedrijven die daar nog nooit een cent voor hebben betaald. En hier en daar een verschillend lettertype. Of eigenlijk veel verschillende lettertypes. Al enige tijd keek er naar en dacht dan: “Als ik het mocht doen, zou ik het een andere smoel geven.”

Veel succes!

En ja. Daar was dan die oproep. Degene die het tot op dan deed, was er wel een beetje klaar mee. In de veronderstelling dat een overdracht wel even zou duren -inwerken enzo- stak ik ergens rond de afgelopen zomer mijn virtuele vinger op bij onze vakantievrijwilligster, tevens penningmeester  van de vereniging. Voordat ik er erg in had werd ik ingepland voor bestuurs-vergaderingen en werd ik onderdeel van het bestuur. Niet als bestuurslid, maar als wat? Geen idee, maar blijkbaar is de redacteur van het blaadje ook een vast persoon bij de bestuursvergaderingen. De overdracht van de redactie van het blaadje was met een bezoekje van een uur en een bestand via We-transfer ook een feit. Zo. Veel succes! 

Daarmee werd het clubblaadje ineens mijn verantwoordelijkheid. Nul verstand van desktoppublishing. Ja, af en toe een blaadje voor een zieke collega in elkaar gezet. En dat ook ‘gewoon’ in Pages en/of Word. Maar kijkend naar mijn  kritiek op het blaadje, moest dit toch wel meer een soort van magazine worden. Tuurlijk Smits, go girl! Ik heb mezelf weer wat op de hals gehaald. As usual. En een ieder die mij kent, weet dat mijn lat hoog ligt. Handige Harrie. Maar ja, wie A zegt, moet ook B zeggen en opgeven doe ik niet, dus vooruit.

Aan de slag met blaadje één van mijn hand. Hoop gedoe rondom de advertenties. Moest ik ineens ook de acquisitie doen. “En ja, een druk in kleur was nu ineens wel veel mooier nu de layout ook een stuk strakker is.” “Misschien wat offertes bij andere drukkerijen opvragen?” Dat ik daarnaast nog een baan van 36 uur per week heb, uhhh. Ik met mijn grote mond ook.

Leermomentjes

Dat elk nadeel ook zijn voordeel heeft, is duidelijk. Bij het eerste blaadje was iedereen razend enthousiast. Goede feedback gekregen ook: “Wat fijn en rustig dat er nu slechts gebruik gemaakt wordt van een lettertype.” Maar ook: “Let op dat een column maar maximaal 700 woorden beslaat”. En ook die oproep voor de advertenties waar ik het verkeerde emailadres bijgezet heb. Lekker handig. Ik heb besloten niet te streng voor mezelf te zijn met een inwerkperiode van welgeteld 1 uur.

De leermomentjes zijn prima tips voor het volgende blaadje. Was het eerste blaadje nog steeds in een wordformat, dat gaat bij de volgende anders. Omdat ik kennis heb mogen maken met de wereld van drukkerijen, weet ik inmiddels ook dat wat ik aanlever niet ook persé zo gedrukt wordt. Zijn er namelijk geen fonts meegeleverd of ‘embedded’ dan zullen ze ook niet in het drukwerk verschijnen. Dat soort dingen.

Een poging om via Marktplaats Adobe Indesign te kopen tegen een schappelijke prijs leek te mooi om waar te zijn en dat was het ook. Maar zelf aanschaffen is me ook te gek en te duur. Het verzoek ligt evenwel bij het bestuur van de vereniging, maar echt heel computervaardig zijn ze niet en ik gok dat zij het voordeel van goede software niet helemaal kunnen plaatsen.

Op zoek naar een alternatief kwam ik bij Scribus, open source desktoppublishing-software.  Blaadje twee zal dus via Scribus in elkaar geflanst worden en voorzien van vaste onderdelen via Photoshop gebouwd. Eens kijken hoe dan de uitkomst is. Ik ben in ieder geval weer lekker bezig met de Mac. En wat gek he, mijn mac is alweer van mid-2011, maar wat doet hij het nog goed! Nog steeds heel erg blij mee.

BewarenBewaren

BewarenBewaren

BewarenBewaren

BewarenBewaren

UA-7562682-1